4 mei
Ja, Hasna treft het. Bij u zit ze veilig. Althans de eerste week. Want het is natuurlijk bijzonder spannend en heldhaftig wat u allemaal voor haar doet, maar als niemand er van weet ontvangt u nooit een lintje. Gelukkig kent u iemand van de lokale krant. Die schrijft een aangrijpend stuk over het leed op de Marialaan en de goede werken van de buren op nummer 63. Dezelfde dag nog verhuist Hasna naar een andere stad.
Of nee, zo onnozel bent u niet. Maar u vindt het toch wel eng. U weet hoe dat gaat bij hen. Straks leggen ze een bom voor haar deur en dan springen bij u de ruiten. Alsof u al geen problemen genoeg heeft. U moet nog een school uitzoeken voor uw jongste zoon. En volgende maand is er een feestje op uw werk en u heeft nog geen idee wat u aan moet. Natuurlijk keurt u het niet goed dat Hasna wordt bedreigd. Maar heeft ze dat ook niet een beetje aan zichzelf te wijten. Ze had ook gewoon bij haar man kunnen blijven. Dat hoort in die culturen nou eenmaal zo.
En als Hasna inderdaad beschermd moet worden, waarom zou u daar dan voor op moeten draaien? Daar is de Staat toch voor! U betaalt toch belasting! Dus u stapt naar de rechter en die stelt u in het gelijk. Het Hof signaleert een ernstige vorm van schending van de eerbiediging van uw privéleven, zoals vastgelegd in artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Hasna moet een ander onderduikadres gaan zoeken. Net als Ayaan.
Op 4 mei herdenken we met twee minuten stilte de doden. Misschien een goed moment om eens even een verhelderende tweedeling te maken. Hoe velen vielen door heldhaftigheid? En hoevelen door gebrek daaraan? De uitspraak van het Haagse gerechtshof geeft te denken. De belangen van de lafhartigen worden nog altijd beter beschermd dan de levens van hen die worden bedreigd. Dat pleit voor het recht. Maar niet voor degenen die zich erop beroepen.