`Band met de UT is juist stérker geworden'

| Redactie

Collegelid Kees van Ast verklaarde een paar maanden geleden in de U-raad dat TSM Business School met het vertrek uit de holding Technopolis `bestuurlijk op afstand' was gezet. Maar, denk niet dat daarmee de banden met de UT zijn doorgesneden. Zelfs een voorzichtige gedachte in die richting verwijzen de nieuwe dean, UT-hoogleraar Joseph Kessels, en algemeen directeur Ivo Matser naar de prullenbak. `De band is juist verstérkt.'


In 2005 raakte TSM voor het eerst sinds de bestuurlijke en financiële crisis van begin deze eeuw weer in de zwarte cijfers. `We zijn opgekrabbeld', zegt Matser. `En de vooruitzichten zijn positief.' TSM Business School vormt nu samen met SWOT (Stichting Wetenschappelijke Opleidingen Twente) de stichting TSM. Van Ast zit in de raad van toezicht. `Een cruciale rol', meent Matser. Hoewel TSM in economische zin een losstaande organisatie is geworden, is de verbondenheid met de UT juist sterker geworden, vindt hij. `Voor het eerst hebben we een decaan die ook hoogleraar aan de UT is.' Kessels kende TSM al goed. `Vanuit de faculteit Gedragswetenschappen heb ik meegewerkt aan het platform voor leadership & personal development, TSM-studenten begeleid en gastcolleges gegeven. Er was dus al een duidelijke inhoudelijke verbinding.' Matser: `Die link is er ook met Saxion. Er zijn op dit moment gesprekken gaande over lectoraten en we hebben ook de afspraak dat we elkaar niet beconcurreren. Sterker, het is statutair vastgelegd dat we ons niet in het vaarwater van Saxion of de UT begeven. We willen complementair zijn, dat maakt ons juist sterk.'

Joseph Kessels was de gedoodverfde favoriet?

Matser: `Er zijn maar weinig mensen die je vraagt decaan te worden. Joseph zet zich al zijn hele leven in voor de ontwikkeling en uitvoering van innovatieve onderwijsprogramma's. Precies wat wij zien als onze core business. Hij bleek bovendien een heel plezierige man en dat is ook belangrijk. Je vormt toch een team.'

Zijn benoeming was een hamerstuk?

`Nee, we hebben Joseph alleen gestimuleerd om te solliciteren', zegt Matser met een lachje. `De procedure was heel grondig. Er zijn ontzettend veel gesprekken gevoerd.'

Meneer Kessels, wat ziet u als uw belangrijkste taak voor de komende jaren?

`Het zorgdragen voor en het verantwoorden van de kwaliteit van onze onderwijsprogramma's. Dat betekent het stimuleren van de thema's die voor ons belangrijk zijn: leiderschap, ondernemerschap en innovatie. Daar moeten we een kernspeler in zijn. De dean moet dat krachtig ondersteunen en uitdragen. Die leertrajecten moeten een innovatief karakter hebben: de vorm van het onderwijs moet de inhoud weerspiegelen. Tijdens mijn studie in Amsterdam had ik ooit een college over actieve werkvormen in het onderwijs. Je voelt `m al: het was een hoorcollege voor honderd studenten. Dat kan niet waar zijn, dacht ik. Net als hoorcolleges over leiderschap, dat kan eigenlijk niet. Ik streef er naar in dat soort programma's studenten actief te laten werken aan de beoogde bekwaamheid. Praktijkgericht? Ja, zo zou je het kunnen noemen. Alleen, het predicaat `praktijk' heeft in de universitaire wereld vaak een negatieve bijklank. Ten onrechte, maar toch. Je kunt het zo zien: stel je voor dat we hier een medische faculteit zouden hebben. Dan zou het heel gewoon zijn om ook een academisch ziekenhuis te hebben. Zou je geneeskunde dan een praktijkopleiding noemen?'

U bent ook hoogleraar Human Resource Development op de UT en u heeft een eigen bedrijf. Is het nog wel een beetje te combineren?

`Ja. Ik heb mijn werktijd op de UT wel wat teruggebracht, maar ik kan doorgaan met onderzoeksprojecten en de begeleiding van promovendi. Ik heb wel heel duidelijk het gevoel dat het hoofdaccent hier bij TSM ligt. Met mijn eigen bedrijf heb ik veel minder bemoeienis dan vroeger.'

U bent een groot pleitbezorger van lifelong learning.

`Ja. Ik zie TSM ook voornamelijk als een lifelong learning institute. Je ziet tegenwoordig dat ingenieurs vrij snel terechtkomen in rollen als projectleider, als voorbereiding op een managementfunctie. De Business School is een vervolgstap op het gebied van leiderschap en management. Ook zeker voor UT-alumni. Daarom hebben we er beide, de UT en TSM, belang bij om samen op te trekken.'

Zitten mensen daar wel op te wachten, op lifelong learning?

`Ik kan me voorstellen dat voor veel mensen het idee van een leven lang leren een vorm van `levenslang', een straf is. Waarom? Omdat ze nare ervaringen met leren hebben. Dat zie je al met het grote aantal uitvallers in het voortgezet onderwijs. We moeten alle zeilen bij zetten om elk talent binnenboord te houden; we kunnen niemand missen. We zullen ons onderwijs op een andere manier moeten vormgeven.'

En nu alleen nog een plekje voor TSM op de campus.

Matser: `We hebben hier aan de Hengelosestraat nog een huurverplichting van vier jaar, maar als iemand zegt: dit is een mooie plek, hier wil ik wel zitten, dan zitten we vanmiddag nog bij de UT om over de mogelijkheden te praten.'

Kessels: `Het is ongelooflijk hoe fysieke omstandigheden de banden die je hebt, kunnen versterken. Je bent dan echt onderdeel van de gemeenschap. Ik heb hier weliswaar een mooier overzicht over de campus dan vanuit mijn werkkamer in Cubicus, maar ik zou toch liever aan de overkant zitten.'

Ivo Matser (links) en Joseph Kessels (Foto: Arjan Reef)
Ivo Matser (links) en Joseph Kessels (Foto: Arjan Reef)

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.