De arbeidsmarkt is krap en verandert snel. Daarom kwam het kabinet vlak voor de zomer met een ‘talentstrategie’. Het onderwijs zou meer mensen moeten opleiden voor tekortvakken en voor vier strategisch belangrijke sectoren. Kortweg: AI, veiligheid, energie en biotech.
Toen de minister de eerste contouren van haar beleid bekendmaakte, uitten studenten daar direct hun zorgen over: zou het kabinet jongeren een bepaalde studierichting op willen dwingen? Dat ze bijvoorbeeld techniek moeten studeren in plaats van economie?
Zelfregie voor de talentstrategie
Daar lijkt het niet op. Maandag maakte het ministerie van Onderwijs bekend dat het allerlei plannen heeft ontvangen van het mbo, hbo en wo, over hoe zij kunnen bijdragen aan de talentstrategie.
Zonder dwingende wetten en regels kunnen roc’s, hogescholen en universiteiten al een hoop, zeggen ze nu. Een paar jaar terug kwamen ze met plannen voor ‘zelfregie’ om de internationale studentenstroom beter te beheersen, nu komen ze met een soort zelfregie voor de talentstrategie. De minister is blij met de voorstellen en praat erover door met het onderwijs en werkgevers.
Veel dingen wilden de onderwijsinstellingen toch al geregeld hebben. Nu passen ze toevallig in het straatje van de talentstrategie. Zo zien de universiteiten gelegenheid om weer internationale studenten te gaan werven en herhalen de hogescholen dat ze meer ruimte willen krijgen voor bijscholing van werkenden.
Universiteiten: AI in alle opleidingen
Nieuw is dat universiteiten beloven om de curricula van alle opleidingen na te lopen, om te kijken of er wel genoeg aandacht is voor digitalisering en AI. Ook moeten opleidingen opdrachten bedenken waarin studenten vanuit verschillende disciplines leren samenwerken. Verder moet ondernemerschap wat vaker aan bod komen.
Aan de vrije studiekeuze mag niet getornd worden, vinden ook universiteiten. Ze willen studenten wel ‘stimuleren’ om vaker voor bijvoorbeeld techniek, zorg of onderwijs te kiezen, maar dat doen ze door het aanbod aantrekkelijker te maken en uit te breiden. Een tekortopleiding die nu nog een beperkt aantal studenten kwijt kan, zou geld moeten krijgen om te groeien.
Hogescholen: nieuwe masters
Zo staan de hogescholen er ook in: als de vrije studiekeuze overeind blijft, willen hogescholen van alles doen om studenten richting energie, veiligheid, AI en biotech te bewegen. Onder meer door nieuwe masteropleidingen en cursussen in die sectoren te ontwikkelen. Ook het hbo-onderzoek zou zich meer op die sectoren kunnen richten.
In ruil vragen hogescholen om simpeler regelgeving. Zo kunnen ze nu in de problemen komen als ze een bijscholingscursus aanbieden. Dat is nog geen wettelijke taak van een hogeschool en dus mag die er geen publiek geld in investeren. Net als universiteiten en ook ROC’s vragen ze daarom: maak van bij- en omscholing een publieke taak, zodat instellingen er zonder gedoe geld in kunnen steken.
Taaltoets uit de WIB
De belofte van de onderwijsinstellingen om het kabinet te helpen met de talentstrategie werd nog op dezelfde dag beloond: het ministerie maakte maandag ook bekend dat de gewraakte ‘taaltoets’ uit het wetsvoorstel Internationalisering in balans (WIB) is gehaald. Dat betekent dat hogescholen en universiteiten zelf mogen blijven bepalen welke Engelstalige opleidingen ze aanbieden.
Dat er een streep door de taaltoets zou gaan was al bekend, alleen moest het nog wel gebeuren. De taaltoets was ooit bedacht om een eind maken aan de verengelsing van het hoger onderwijs. Daarmee zou de minister opleidingen kunnen dwingen om op het Nederlands over te stappen.
Het hoger onderwijs was mordicus tegen en stelde een ruil voor: zelf minder Engelstalig onderwijs geven en minder buitenlandse studenten werven, maar dan zonder die taaltoets in de wet. Dat was de eerste ronde ‘zelfregie’.
Nederlands ‘niet afdwingbaar’
In het maandag gepubliceerde voorstel staat wel dat het hoger onderwijs het Nederlands van studenten moet verbeteren – ook dat van internationals. Het idee is dat buitenlandse studenten hier vaker blijven werken als hun Nederlands beter is.
Maar dat is dus een norm zonder tanden, zegt de minister er in een begeleidende Kamerbrief bij: ‘Ik kies voor een wettelijke norm met daarin inhoudelijke criteria die niet afdwingbaar zijn.’
En de zelfregie die hogescholen en universiteiten afspraken? Dat gaat dus in goed vertrouwen. Instellingen gaan buitenlandse studenten werven, zeggen ze. Maar dan vooral voor de strategische domeinen die het kabinet voorstelt.