De Servische Studentenunie organiseert demonstraties om de pro-Europese krachten te mobiliseren. De zwijgende meerderheid moet zich volgens de studenten niet laten ontmoedigen, want ‘Servië kan niet zonder Europ’.
Na de afscheiding en internationale erkenning van Kosovo ontstond er in Servië uit boosheid en frustratie een welhaast hysterische anti-Europese stemming. De coalitie raakte onderling slaags, het kabinet viel en het land lijkt inmiddels weer even gepolariseerd als in de nadagen van Milošević.
Vooral de jongeren en studenten die reikhalzend uitzien naar de opheffing van het Servische isolement, zijn zwaar teleurgesteld. Ze hunkeren naar Europese studiebeurzen en een versoepeling van het oneerlijk strenge visumregime. De Servische Studentenunie nam daarom het initiatief om de pro-Europa lobby van president Tadić en zijn Democratische Partij te steunen. Ze organiseert wekelijkse demonstraties met een vriendelijk ludiek karakter. Bedoeling is enerzijds om het EU-lidmaatschap op de politieke agenda te houden en anderzijds om het negatieve beeld bij te stellen van Servië als land waar driehonderd vandalen ongestoord een ambassade in de as kunnen leggen.
Studentenleider Simon Simonović (26), student politicologie aan de Universiteit van Belgrado: ‘We hebben tot nu toe drie grote demonstraties gehouden, naast een tiental speelse prikacties, onder het motto ‘Er is geen alternatief voor Europa’. Er kwamen steeds een paar duizend demonstranten op af. Opiniepeilingen wijzen uit dat zelfs nu, in een periode van nationalistische gekrenktheid, nog steeds een meerderheid van de Serviërs vóór toetreding tot de EU is. Ze durven zich alleen niet te laten horen. Wij herinneren eraan dat we de moed niet mogen laten zakken.’
HOP, Paul Öfner