Het CvB stelde studenten en medewerkers vorige week al op de hoogte van de resultaten van de bijeenkomst waarin men sprak over de gewenste strategie en het profiel van de UT en haar ambities. Men stelde vast dat `iedereen' de combinatie van technische, maatschappij- en gedragswetenschappen één van de unieke sterktes van de UT acht. Het CvB: `Daar zal in de toekomst veel meer gebruik van gemaakt kunnen en moet worden. Er is in de discussies vaak op gewezen dat het begrip `technische universiteit' in een beperkte interpretatie geen recht doet aan deze sterkte. Die interpretatie zit ons in de weg en dat is niet de bedoeling.'
Volgens CvB-voorzitter Anne Flierman is niet zozeer techniek maar technologie in brede zin het verbindende thema op de UT. `We zijn een ondernemende universiteit die zich onderscheidt door een sterk ontwerpgerichte benadering bij het oplossen van problemen uit de samenleving en de industrie. De sociale en technische wetenschappen zijn daarbij beide onmisbaar. De UT is in die zin een in Nederland unieke `university of technology', die gelijkenissen vertoont met een aantal internationaal toonaangevende instituten.'
Volgens Flierman zal het aangescherpte profiel met technologie als bindend element, in de loop van de komende jaren gestalte krijgen in onderwijs en onderzoek. `Als de UT in 2011 haar vijftigjarig bestaan viert zal het plaatje compleet moeten zijn: niet alleen het profiel, maar ook het overgrote deel van de nieuwbouw, zoals het Nanolab en de herinrichting van gebouw Langezijds.' Een externe adviseur (Ron van der Jagt van het bedrijf Boer & Croon Corporate Communication) krijgt de opdracht om het aangescherpte profiel in de markt te zetten.
Werkgroepen gaan nu aan het werk en presenteren publiekelijk nog voor de zomer hun concrete actieplannen. Hubert Coonen (GW) en Ton Mouthaan (EWI) maken een plan voor het onderwijs. Met daarin onderwerpen als: meer gezamenlijkheid in de curricula, brede bachelors, meer engelstaligheid in de bachelor, afstemming met Saxion, de vormgeving van `ontwerpgericht onderwijs' en de versterking van de betrokkenheid van studenten én staf. Dave Blank (Mesa+), Ton Mouthaan en Hubert Coonen werken een plan uit voor Graduate Schools. Peter Apers (CTIT) en Hans Kuipers (IMPACT) kijken naar de ontwikkeling van een aantal zichtbare en relevante domeinen in het onderzoek. De vijf domeinen zorgtechnologie, duurzame energie, water, veiligheid en leren worden in eerste instantie onderzocht. Rikus Eising (CTW) en Matthias Wessling (TNW) richten zich op ondernemerschap: hoe zijn studenten in een vroeg stadium te interesseren voor ondernemerschap. Daarnaast bekijken ze op welke wijze de UT haar financiële autonomie verder kan versterken. Erwin Seydel (IBR) en Wouter van Rossum (IGS) richten zich op strategische partners: welke allianties zijn nodig voor het versterken van de positie van de UT? Hoe kan Kennispark daarbij een rol spelen? Paul van Loon (MB) en Pieter Binsbergen (secretaris UT) tenslotte ontwikkelen plannen voor een moderne campus die `een uitnodigende en uitdagende plek is om te studeren, te werken en te leven.'