De Project Plek

| Redactie

Bij veel vakken zijn studenten op zichzelf aangewezen. Minimale colleges, maar maximale inzet. Hoe ervaren ze dat?Studie: Toegepaste CommunicatiewetenschapProject: Communicatiekundig Ontwerpen IIIJaar: B3Studiepunten: 10 ECCijfer: 8 Kirsten Voncken zocht duidelijkheid bij de publieke omroep Voor het vak communicatiekundig ontwerpen (CO III) moeten derdejaarsstudenten communicatiewetenschappen geh

Bij veel vakken zijn studenten op zichzelf aangewezen. Minimale colleges, maar maximale inzet. Hoe ervaren ze dat?

Studie:
Toegepaste Communicatiewetenschap
Project: Communicatiekundig Ontwerpen III
Jaar: B3
Studiepunten: 10 EC
Cijfer: 8

Kirsten Voncken zocht duidelijkheid bij de publieke omroep
Kirsten Voncken zocht duidelijkheid bij de publieke omroep

Voor het vak communicatiekundig ontwerpen (CO III) moeten derdejaarsstudenten communicatiewetenschappen geheel zelfstandig een opdracht uitvoeren. Het onderwerp staat vrij, en Kirsten Voncken ging hiervoor langs bij de publieke omroep. Kirsten:`Toen ik in september 2006 begon met dit vak was de programmering van de omroepen net door elkaar gegooid. Daardoor was ik steeds aan het zoeken waar mijn favoriete programma's gebleven waren. Om iets te doen met deze warrigheid, besloot ik te onderzoeken of de publieke omroep wel een duidelijke indeling gekozen had.'

Als onderbouwing voor haar onderzoek leende ze een theorie uit de psychologie:`Mensen delen alles wat ze waarnemen in categorieën om ze te kunnen begrijpen. Wanneer twee mensen elkaar voor het eerst ontmoeten, zullen ze bijvoorbeeld leeftijd, geslacht en etniciteit goed onthouden. Dat zijn de prominente categorieën. De kleur van de ogen en merkschoenen zijn secundaire categorieën, en veel moeilijker te herinneren. `Mijn veronderstelling was, dat wanneer je zenders indeelt aan de hand van de meest prominente categorisatie voor tv-programma's, dan kom je tot een duidelijke en logische zenderindeling.'

Ze verzamelde 42 programma titels die representatief waren voor het huidige aanbod op Nederland 1, 2 en 3. Deze gaf ze aan 16 proefpersonen, en liet hen een driedeling maken die zij het prettigst vonden. Kirsten: `Ik had heel erg geluk met de resultaten, want ruim 60% koos voor een indeling op genre. 50% gebruikte bovendien dezelfde categorieën; nieuws, amusement en kinderprogramma's. Genre blijkt op basis van dit onderzoek de meest prominente categorisatie voor tv-programma's te zijn.'

Naar aanleiding van dit onderzoek maakte Kirsten een hypothetisch ideale programmering, om haar theorie te toetsen en vergelijken met de oude programmeringen. Hiervoor maakte ze een enquête, die ze onder andere via een mailing naar haar roeivereniging Euros verspreidde onder 250 proefpersonen. Zij moesten aangeven welk programma zij op welke zender verwachtten, afhankelijk van het programmeermodel. Ook vroeg ze welk programmeer model het best beviel. Hieruit bleek dat het model van Kirsten de meest juiste verwachtingen opleverde, en ook de grootste voorkeur had.

Kirsten relativeert: `Ik ga natuurlijk niet zeggen dat ze bij de publieke omroep dom bezig zijn. Bij een programmering komt veel meer kijken dan alleen duidelijkheid, wat de focus van mijn onderzoek was. Alles draait daar om kijkcijfers en reclameblokken. Maar duidelijkheid is zeker een belangrijk aspect van een programmering. Ook kan ik niet zeggen hoe representatief dit onderzoek is voor de hele Nederlandse bevolking, omdat ik voornamelijk hoogopgeleide mensen heb ondervraagd.'

De resultaten mogen dan schitteren, haar aanpak verliep niet helemaal vlekkeloos. Kirsten legt uit: `Ik was al in september 2006 begonnen, maar toen liep mijn agenda een beetje over van colleges en bijbaantjes. Dit was het enige vak waarbij ik niemand in de steek zou laten, dus heb ik dit wat opzij geschoven en uiteindelijk een jaar later pas afgerond. Gelukkig was mijn begeleider Joost Verhoeven heel schappelijk.'

De onderzoeken van de studenten werden dit jaar voor het eerst volgens een nieuwe methode beoordeelt. Een team van vier docenten las alle verslagen door, waarbij iedere docent op specifieke onderdelen lette. Zo krijgen alle studenten een eerlijke beoordeling. Kirsten weet niet zeker of dat de beste methode is: `Mijn 7,6 was nu het hoogste cijfer van ruim twintig studenten. Is het niveau dan te laag of wordt er te streng beoordeeld?'

Klagen doet ze natuurlijk niet: `Gezien de uitloop vind ik een acht helemaal geen slecht cijfer. En ik mocht mijn verhaal begin februari ook vertellen op het congres Etmaal van Communicatie in Amsterdam, waar ik veel enthousiaste reacties kreeg. Misschien ga ik hiermee nog verder als afstudeeropdracht, maar het was in ieder geval een leuke leerervaring.'

Thuisnetmodel (tot september 2006)

Nederland 1

Nederland 2

Nederland 3

KRO, NCRV, EO, IKON, NMO, ZvK, RKK

AVRO, TROS, NOS, BNN

VARA, NPS, VPRO, Teleac/NOT

Huidig programmeermodel

Nederland 1

Nederland 2

Nederland 3

Het brede familienet

Het verdiepende net

Het vernieuwende net

Kirsten's `Data-driven' model

Nederland 1

Nederland 2

Nederland 3

Amusement

Nieuws en actualiteiten

Kinderprogramma's

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.