Vier Nederlandse luchtvaartconsortia hebben zich gekwalificeerd voor deelname in dit prestigieuze programma. Tientallen kleine en (middel)grote Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen, waaronder de UT, werken in deze consortia samen. Ze staan onder leiding van het Nederlands Instituut voor Vliegtuigontwikkeling en Ruimtevaart (NIVR), dat hierin wordt gesteund door het Ministerie van Economische Zaken.
Het nieuws dat de vier Nederlandse consortia hoog hebben gescoord in Clean Sky werd vorige week bekend. De Europese Commissie en de Europese luchtvaartindustrie steken ieder 800 miljoen euro in dit Joint Technology Initiative (JTI), dat een looptijd heeft van zeven jaar. Doel is een aanzienlijke bijdrage te leveren aan de `vergroening' van de Europese luchtvaart (o.a. 50% reductie van CO2, 80% reductie van NOx (stikstofoxiden) en 50% reductie van geluid). Brussel en de luchtvaartindustrie willen met het programma de toepassing van nieuwe doorbraaktechnologieën voor duurzaam luchtverkeer versnellen.
De UT neemt deel in drie van de vier Nederlandse consortia die met het oog op Clean Sky zijn gevormd. De UT werkt daarin samen met partners als Airborne Development, Microflown Technologies, de TU Delft, het Nationaal Lucht- en Ruimtevaart Laboratorium, Stork Aerospace en Ten Cate Advanced Composites. De drie consortia zijn: `eco-design' (2 aio's), `de intelligente vleugel' (4 aio's) en `tiltrotor vliegtuigen' (2 aio's).
Prof. Remko Akkerman, hoogleraar productietechniek aan de faculteit Construerende Technische Wetenschappen, is in zijn nopjes met de toekenning, die zijn beslag kreeg op basis van reeds behaalde onderzoeksresultaten aan de vliegtuigvleugel. `Het heeft heel wat overleg en afstemming gekost om alle neuzen binnen de faculteit dezelfde richting uit te krijgen, maar nu het zover is, kunnen we over een breed front meedoen aan Clean Sky.'
Over zeven jaar moeten vliegtuigen veertig procent schoner zijn en de helft minder lawaai produceren. Dat betekent ook dat de UT-vindingen over zeven jaar moeten vliegen, aldus Akkerman, die de deelname van IMPACT (waarbinnen het onderzoek plaatsvindt) een strategische keuze noemt. `We kunnen acht promovendi aan specifiek onderzoek laten werken, dat is redelijk substantieel. Belangrijk is dat je nu mee praat. Het straalt ook af op de UT als technische universiteit.' Akkerman vertelt dat de Nederlandse deelnemers door een directe relatie met de hoofdaannemers van het project (o.a. Airbus, Saab, Augusta, Eurocopter, Thales, Liebherr, Dassault) een rol krijgen in de Europese luchtvaartindustrie.
In het consortium `eco-design' gaat het om nieuwe milieuvriendelijke materialen en productietechnieken, en om oplossingen voor recycling. De vakgroepen technische mechanica, productietechniek en werktuigbouwkundige automatisering gaan hieraan bijdragen.
`De intelligente vleugel' is een vleugel die zich tijdens de vlucht kan aanpassen aan de snelheid, om zo minder weerstand te genereren. De groepen technische stromingsleer, productietechniek, tribologie en werktuigbouwkundige automatisering gaan deel uitmaken van dit consortium. Het consortium `tiltrotor vliegtuigen' gaat, onder leiding van UT-spinoff Microflown Technologies, onderzoek doen naar geluidsarme aanvliegroutes en intelligente rotorbladen voor helicopters. Leden van de groepen werktuigbouwkundige automatisering, productietechniek en technische stromingsleer gaan onderzoek doen naar de geluidsproductie en de efficiency van de nieuwe rotoren.
De kick-off voor Clean Sky vindt dinsdag 5 februari plaats met een meeting in Brussel.
| Over zeven jaar moeten de UT-vindingen de lucht in, aldus hoogleraar Remko Akkerman. |
Zie ook www.cleansky.eu