Filosoof, schilder, dichter en musicus

| Redactie

Wat filosoof Mark Coeckelbergh niet in gedachten kan vatten, dat schildert, dicht of musiceert hij. De veelzijdige Belg is sinds 1 augustus universitair docent bij de afdeling wijsbegeerte van de faculteit GW. Hij gaat onderzoek doen naar ethische vraagstukken rond robotica en human enhancement. `Is het toegestaan de mens te veranderen?'

Mark Coeckelbergh
Mark Coeckelbergh Foto: Arjan Reef

De website van Mark Coeckelbergh (32) puilt uit. Verwijzingen naar philosophy, music, books, publications, photographs, poetry & art, links naar exposities, beelden van zijn schilderijen en foto's, voorbeelden van gedichten, stukken van door hem gecomponeerde pianomuziek.

`Er zijn verschillende manieren om met het bestaan om te gaan', verklaart Coeckelbergh. `Filosofie is één manier, maar het kan ook anders. Wat ik niet kan vatten door na te denken, dat schilder of dicht ik. De link met het filosofische werk is niet altijd aanwezig hoor, ik streef niet naar een perfecte integratie.'

Helaas heeft hij steeds minder tijd voor al zijn andere liefhebberijen, vertelt hij. Zijn nieuwe baan en de reistijd (hij woont nu nog in België) begrenzen zijn tijd behoorlijk. Een gastenwoning op de campus is doordeweeks zijn thuis. Hij beraadt zich dus nog op definitieve woonruimte in de buurt.

Sinds 1 augustus werkt hij in Cubicus, na een betrekking aan de Universiteit Maastricht. `Ik heb het gevoel dat mijn werk hier echt geapprecieerd wordt. Met mijn onderzoek naar ethiek van technologie pas ik goed in deze groep.' Coeckelbergh studeerde in Leuven en Norwich, promoveerde in Birmingham met een proefschrift over vrijheid en autonomie.

Het is een vruchtbaar najaar voor de jonge filosoof. In oktober verscheen bij uitgeverij Palgrave Macmillan zijn derde boek, Imagination and Principles, en vorige maand won hij de Bio-Ethiek prijs van de NVBE, de Nederlandse Vereniging voor Bio-ethiek.

Het winnende artikel, dat hij in 2006 schreef met Jessica Mesman, gaat over de rol van verbeelding in een moreel besluitvormingsproces. Coeckelbergh en zijn Maastrichtse collega volgden daartoe artsen en ouders op de afdeling neonatologie (waar te vroeg geborenen worden behandeld) van een ziekenhuis.

`De neonatale zorg is technologisch intensief, maar wanneer is het ook ethisch verantwoord om een kind in leven te houden dat een grote kans op handicaps heeft? Artsen en ouders moeten op die momenten moeilijke morele keuzes maken', zegt Coeckelbergh. Zijn collega Mesman verzamelde empirisch materiaal in de verloskamer en in de stafkamer van de artsen, zelf bleef hij binnen de muren van de universiteit. `Mijn collega deed de observaties, zij is sterk empirisch georiënteerd. Ik voel mij meer thuis in de rol van theoreticus.'

In het artikel beschrijven de twee hoe verbeelding in die morele keuzes van artsen en ouders een rol speelt. `Een vader, bijvoorbeeld, probeert zich in te beelden hoe het zal zijn om te leven met een gehandicapt kind. Een arts stelt zich voor of hij in de toekomst kan leven met de keuze om niet te behandelen. Zo kun je via verbeelding de consequenties van je beslissingen verkennen. Ook helpt verbeelding om je in het standpunt van iemand anders in te leven.' Wat de beroepspraktijk met die informatie kan? Coeckelbergh: `Dat laat ik aan hen over, misschien werkt het als een spiegel en nemen ze hun beslissingen op een bewustere wijze.'

De eerste twee boeken van de filosoof gingen over autonomie en vrijheid, het onderwerp waar hij ook op promoveerde. Coeckelbergh: `Er zijn de metafysische theorieën die denken in termen van de Moraal en de Rede die boven ons staan en die onze keuzes bepalen. En er zijn anderen die tegen een absolute moraal zijn, maar uitgaan van een absolute vrijheid om zelf principes te kiezen. Ik laat zien hoe moeilijk het is om een tussenweg te vinden, en hoe complex de verhouding is tussen vrijheid en dat wat ons bepaalt. Daar worstel ik nog steeds mee.'

Vindt hij zichzelf dan vrij en autonoom? Twijfelt. `Altijd maar voor een stukje. Kijk, je gaat relaties aan in de samenleving, je bent geen alleenstaand individu. En door die relaties heb je te maken met morele verwachtingen, verplichtingen en gevoeligheden. Je bent niet vrij in de zin dat je volledig kunt doen wat je wilt. Maar de vraag is ook: zou je die vrijheid willen? Dan zouden we allemaal God of dictator zijn. Een mens kan nooit helemaal autonoom zijn, er is ook afhankelijkheid en kwetsbaarheid. Er is het lot, er is geluk en er is tragedie. Gelukkig maar, misschien.'

Zijn onderzoek aan de UT richt zich op de ethiek van robotica en op human enhancement: het verbeteren van de mens door genetica, ict en nanotechnologie. Coeckelbergh: `De máákbaarheid van de mens dus. En dat gaat verder dan het herstellen van wat kapot is, zoals het geven van een gehoorapparaat aan een slechthorende of het aanmeten van een prothese bij een gehandicapte. Human enhancement gaat over mensen die dankzij technologieën meer kunnen dan de gezonde, `normale' mens van nu. Denk aan cognitieve prothesen die mensen een groter geheugen bieden. Of gentherapie die voor slimmere en gezondere mensen zorgt. De ethische vraag die ik daarbij stel is: is het toegestaan om de mens te veranderen? Als je kijkt naar de historie van de medische wetenschap dan doen we dat natuurlijk al. Met therapieën en protheses verbeteren we de mens. En zijn we niet al een beetje mens-machine geworden? Kijk eens hoe we achter onze deskjes zitten. De computer is een verlengstuk, we zijn afhankelijk van de technologie. Maar hoe moeten we daarmee omgaan? Wat willen we toelaten en bevorderen, wat wijzen we af? De politiek moet daarin keuzes maken, want dit is geen privézaak meer. Technologie is overal, dus we moeten samen beslissen. Je hebt twee uiterste groepen, de transhumanisten, die een compleet nieuwe mens willen creëren en de technofoben, die elke ontwikkeling afwijzen. Ik vind beide benaderingen niet goed. Ze maken genuanceerde reflectie moeilijk. Maar we kunnen niet stilzitten: samenleving en technologie veranderen nu eenmaal snel, dus we moeten erover nadenken en onze verbeelding gebruiken. Hoe moeten we ons tot technologie verhouden? Welke toekomst willen we voor de mens?'

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.