| Spreker Romolo Liebchen bij zijn Audi R8. Eromheen vergapen werktuigbouwkundestudenten zich aan de rode sportwagen. (Foto: Gijs van Ouwerkerk) |
Een aandachtstrekker pur sang, zo'n vernuftige, flitsende sportauto. De eigenaar - `it's not really mine' - Romolo Liebchen sprak in de collegezaal over het ontwerpwerk van Audi's raceauto's. `Het begint heel simpel met een blanco schetspapier en een potloodje,' begint Liebchen. `En je vertrouwt je ideeën toe aan het papier.'
Vele schetsen later bouwen de ontwerpers een eerste prototype, dat bloot wordt gesteld aan allerlei testen. Kenmerkend voor Audi Sport is de voortdurende dialoog tussen de verschillende bouwploegen die betrokken zijn bij het maken van een racer. `You may have the techniques and the money, but if there is no dialog you will not succeed.'
De Duitser Liebchen studeerde werktuigbouwkunde in München en specialiseerde zich in Fahrzeugtechnik. Na zijn afstuderen begon hij in 1989 als ontwerper voor raceautocomponenten bij Audi waar hij zich later opwerkte tot hoofd van de sportauto ontwerpafdeling.
Na zijn lezing is het buiten tijdens de pauze dringen geblazen rond Liebchen's sportwagen. Er is geen meisje te bekennen. Is het dan toch de ultieme jongensdroom, zo'n racer? Ja, zeggen Mark Veldhuis en studiegenoot Sander Weitkamp. Sprakeloos zijn ze. De twee werktuigbouwkundestudenten vergapen zich aan het rode exemplaar. Veldhuis: `Dit is echt groots! Weet je dat de motor achterin zit en de kofferbak voorin?' De ontwerper showt het. Onder de achterklep doemt de tot in de finesse afgewerkte designmotor op. `Een streling voor het oog,' vindt Weitkamp. `Ik denk dat elke jongen hiervan droomt.' Niet alleen de ogen, ook de oren kunnen hun plezier niet op wanneer de Audi-man de auto start. `Hij snort nog wel aardig,' zegt Veldhuis. `Als hij gas geeft hoor je toch een diep ronkend geluid. Dat had ik niet verwacht.'
De auto en het college geven de nieuwsgierigen een kijkje in de keuken van Audi. Veldhuis: `Ik ben een échte autosportfanaat en lees veel over innovatieve ontwikkelingen in de racewereld. Door de lezing weet ik nu ook hoe ze zo'n ontwerpproces van a tot z aanpakken.' Weitkamp: `Onbegrijpelijk hoe specifiek de analyses zijn. Uit een rondetijd kunnen ze al ontzettend veel data aflezen, zoals het vermogen van zo'n auto.' Iets voor jullie, zo'n baan? `Nou, dat zou écht tof zijn! De autosport is toch wel het ultieme stukje werktuigbouwkunde.'
Prima samenhang
Medeorganisator Marc van Gerrevink van Isaac Newton over het symposium:
`We hebben lovende kritieken gehad. De verhalen vond men goed, met een prima onderlinge samenhang. De Audi sprak inderdaad tot de verbeelding. Het is de straatvariant van de raceauto. De kofferbak is écht klein. Toen Romolo Liebchen wegging, kon er nét een weekendtas in. Zijn laptop moest achter de bestuurdersstoel.'
Opvallend vond Van Gerrevink verder het testen van kunstgras waarover Martin Olde Weghuis van TenCate Thiolon sprak. `Spelers maken net zo lang slidings totdat een bloedende wond ontstaat. Dat letsel onderzoeken ze ook. Heel pijnlijk, lijkt me.'
De lezing over de superfiets van baanwielrenner Theo Bos, de Kimera, vertelt door Mark Dorlandt viel ook in de smaak. `Weet je dat zo'n fiets een half miljoen euro kost en dat-ie helemaal afgestemd is op Theo Bos? Nu willen ze exemplaren gaan maken die wél verstelbaar zijn, anders wordt het zo kostbaar.'