Dat deed Rakhorst ongetwijfeld goed, want zijn bedrijf, Urenco Almelo, voorziet de nucleaire industrie van verrijkt uranium. In zijn lezing ging hij in op de rol die kernenergie volgens hem zou moeten spelen in de wereldwijde energievoorziening. `In de jaren tachtig kreeg kernenergie een enorme revival. Er zouden drie kerncentrales komen, maar toen was er in 1986 de ramp in Tsjernobyl en werden die plannen van tafel geveegd.'
Op dit moment groeit wereldwijd het gebruik van kernenergie, maar de Nederlandse politiek blijft zich ervan distantiëren. `En dat terwijl we twintig procent van onze energiebehoefte uit het buitenland halen en dan mag je raden waar dat vandaan komt. Juist ja, uit kernenergie', aldus Rakhorst. Om er aan toe te voegen dat het bouwen van een kerncentrale weliswaar duur is, maar dat het gebruik ervan weinig kost.
Verder is kernenergie volgens Rakhorst een veilige vorm van energie. `Tsjernobyl is in de ogen van de mensen natuurlijk een verschrikkelijk ongeluk, maar de vierduizend doden die het op termijn heeft veroorzaakt, vallen in het niet bij de tienduizenden doden door de kolenmijnen in China.' We hoeven ons evenmin zorgen te maken over het radioactieve afval, want volgens de Urenco-directeur heeft Nederland een heel goed opslagregime.
Met deze argumenten en plaatjes over de hoge CO2-uitstoot van kolencentrales en de zeer beperkte milieuschade van kerncentrales probeerde Rakhorst de zorgen rondom kernenergie weg te nemen. In de zaal lukte dat vorige week gedeeltelijk. Aan het eind van de lezing gaf nog slechts één student aan tegen kernenergie te zijn.