| Ella Vogelaar. |
Vogelaars' actieplan `krachtwijken' moet de problemen van stedelijk verval en sociale achterstand in oude buurten aanpakken. Zowel van bovenaf, door een betere samenwerking tussen overheden, als van onderaf, door na te gaan wat nou eigenlijk de behoefte van de bewoners is. `Ook vinden we het belangrijk dat bewoners zich aan de buurt binden. Dat kan door school, werk of door lidmaatschap van een sportvereniging', aldus Vogelaar in haar openingspraatje.
De bewindsvrouw heeft alle veertig wijken bezocht. `Wat me opviel is de enorme inzet bij de mensen en de organisaties om tot een verbetering te komen. Maar ik ben ook erg geschrokken. Het wijkbeleid is enorm verkokerd en men denkt niet vanuit de burgers. Hoe het anders moet? In ieder geval zo min mogelijk nota's schrijven! We gaan direct over tot het uitvoeren van plannen.' Volgens de minister is daarvoor een nieuw partnership nodig tussen lokale organisaties en de overheid. `De aanpak moet écht lokaal gebeuren en zich richten op vijf terreinen: het woonklimaat, voldoende werkgelegenheid, leren en opgroeien, veiligheid en integratie.' In december verwacht Vogelaar de werkverhouding tussen de lokale instanties en de overheid in een contract vast te leggen. `Zolang de zaken goed gaan, is er niets aan de hand, maar zodra er problemen zijn volgt er een soort verlamming van wie waar nou verantwoordelijk voor was. Daarom moet de beslissingsbevoegdheid op een zo laag mogelijk niveau liggen, zodat er snel en effectief knopen worden doorgehakt. Neem bijvoorbeeld uithuisplaatsing. Daar zijn wachtlijsten voor, maar in dringende situaties moet het lokale bestuur kunnen beslissen welke gevallen voorrang krijgen, buiten de wachtlijst om.'
| Werk aan de winkel in Velve-Lindenhof. |
Een ander agendapunt is het vergroten van de betrokkenheid van bewoners bij hun buurt. `Zij weten vaak beter dan bestuurders wat de wijk nodig heeft. We moeten het talent en de kracht in wijken benutten. Daarom is er geld gereserveerd voor bewonersinitiatieven.'
De UT is een van de partners binnen het Kennisinstituut Stedelijke Samenleving. Bas Denters, UT-hoogleraar Grotestedenbeleid, is wetenschappelijk directeur van het instituut, collegevoorzitter Anne Flierman zit in het dagelijks bestuur.
'Hiernaast was een hennepkwekerij'
Ten oosten van de Enschedese binnenstad ligt volkswijk Velve-Lindenhof, een van de achterstandswijken op het lijstje van minister Vogelaar. Hier wonen ook veel studenten van de UT. Eerstejaars civiele techniek Thijs Teunissen bijvoorbeeld woont met elf andere studenten aan de Leijdsweg. Samen met zijn huis- en naamgenoot Thijs praat hij in de keuken over hun buurtje. `Ik woon hier net en ik heb deze wijk tot nu toe niet als achterstandsbuurt ervaren.' Huisgenoot Thijs: `Is dit één van de veertig geselecteerde probleemwijken dan? Zo hee! Dat is wat.'
Teunissen: `Wij wonen aan de rand van Velve-Lindenhof. Als je verder de wijk in gaat, wordt het steeds meer een volksbuurtje.' Zijn huisgenoot: `Ja, daar zitten ze in de zomer met z'n allen voor het huis.' Teunissen: `Maar ik ga die kant eigenlijk nooit op. Ja, ik fiets wel eens naar de supermarkt, maar that's it. Wel zien we het straatbeeld verbeteren nu ze onze straat helemaal opknappen.' Huisgenoot Thijs: `Of wij iets voor de buurt zouden doen? We zijn studenten en we gaan ons echt niet in de wijk settelen en gezellig op de koffie bij de buren.' Teunissen: `Wij zijn hier maar tijdelijk. Daardoor voelen we ons niet zo gebonden aan de buurt. Of er overlast is? Ik merk er nog niet zo veel van.' Zijn huisgenoot: `Laatst was hier achter op de parkeerplaats een soort houseparty. Dat gaf wel veel lawaai. Wie onze buren zijn? Die hebben we niet meer. Er zat hiernaast een hennepkwekerij en die hebben ze onlangs opgerold. Nu staat het pand leeg.'
| Thijs Teunissen (links) en zijn huisgenoot in de keuken van hun woning. |