In kamer C336 van de Cubicus zitten, met de ruggen naar elkaar toe, Frank Meijer (28, links op de foto) en Elger Abrahamse (28). Ze zijn allebei halverwege hun promotie bij de GW-vakgroep cognitieve psychologie en ergonomie.
| Foto: Arjan Reef |
Elger: `Frank is twee weken later begonnen dan ik met zijn promotie.'
Frank: `Eerst zaten we met nog twee andere medewerkers beneden in de Cubicus, in een soort verzamelhok. Vorig jaar zomer zijn we naar deze kamer verhuisd.'
Elger: `We zitten met de ruggen naar elkaar toe maar we hebben wel heel veel contact. We praten continu tegen elkaar. Over niks.'
Frank: `Zie het als kamervulling. Het gaat nergens over. Onzin is het, pure waanzin eigenlijk.'
Elger: `In het begin namen we nog niet zo'n directe houding tegen elkaar aan.'
Frank: `We zijn heel verschillend van elkaar in onze meningen.'
Elger: `Maar nu zeggen we gewoon wat we denken en voelt de ander zich ook niet aangetast.'
Frank: `We denken anders over politiek en filosofie en hebben elk een andere levensinstelling. Elger is enigszins spiritueel en conservatief, hij romantiseert hoe het vroeger was.'
Elger: `Lekker, denkt de hele UT dat ik spiritueel ben. Wat ben je ook een lul! Moet ik nu iets over Frank zeggen? Frank is wat nuchterder dan ik ben.'
Frank: `Word ik nu gespaard? Wat ben je vriendelijk.'
Elger: `Om nog even op mezelf terug te komen, ik ben eerder filosofisch dan spiritueel, dat is het misschien.'
Frank: `We bespreken ook privé-dingen met elkaar. Wat we in het weekend gedaan hebben enzo.'
Elger: `Niet tot in detail, maar wel veel.'
Frank: `Als Elger niks meer terugzegt of driftig zit te typen hou ik meestal m'n mond. Dan wil hij doorwerken.'
Elger: `Frank is hier elke ochtend om negen uur, ik ben daar wat minder constant in.'
Frank: `Soms zit-ie hier al een paar uur als ik binnenkom, soms is-ie ineens veel later.'
Elger: `Die vrijheid is een van de mooie dingen van het aio zijn!'