Een beetje docent maakt ieder kwartier een grap

| Redactie

De opleiding psychologie vierde vorige week donderdag haar vijfjarig bestaan. In de Vrijhof gingen diverse sprekers tijdens negen workshops in op de verschillende aspecten van het vakgebied: van consument en gedrag tot arbeid en organisatie; van provocatieve coachingsmethodiek tot computationele humor. Peter de Wit, tekenaar van de bekende Volkskrantstrip Sigmund, sloot de dag af met een uitgebreide uitleg bij zijn favoriete tekeningen en een signeersessie in het Theatercafé.

Sigmundtekenaar Peter de Wit signeert na afloop van het lustrumcongres.
Sigmundtekenaar Peter de Wit signeert na afloop van het lustrumcongres.

Sibe Doosje van de Universiteit Utrecht trekt de aandacht met een workshop waarin hij uitlegt hoe zowel docenten als studenten humor kunnen gebruiken om studieresultaten te verbeteren. `In mijn onderzoeken heb ik veel aandacht voor humor,' vertelt hij. `Dat zorgt voor veel media-aandacht. Blijkbaar is dit een populair onderwerp.'

Doosje introduceert verschillende typen op het gebied van humor. `De autist bijvoorbeeld, is iemand die absoluut geen gevoel voor humor heeft. Zulke mensen kom je in iedere organisatie tegen, en ze zien van geen enkele grap de lol in. Aan dit type heb je niks.' De joker daarentegen is wel erg nuttig. `Zij verbeteren het leef- en werkklimaat enorm, doordat ze regels en taboes doorbreken en op een plezierige manier kritiek kunnen leveren.' De eeuwige clown typeert de psycholoog als zielig. `Dit type is continu grappen aan het maken omdat hij iets wil maskeren.'

Doosje legt uit dat humor kan worden gebruikt om met een potentieel gevaarlijke stimulus om te gaan, zogenaamde `humoristische coping'. `Als een docent boos is, kan hij met een grapje de spanning wegnemen,' legt de spreker uit. Volgens de wetenschapper is lachen in de evolutie ontstaan als een signaal om aan te geven dat `het veilig is'. Als een baby lacht, is dat dan ook een goed teken. Doosje onderscheidt twee soorten lach: `De eerste soort kun je bewust laten zien, door je mondhoeken omhoog te bewegen en zo aan te geven dat je het goed bedoelt. De andere lach vindt onwillekeurig plaats en zorgt voor de bekende kraaienpootjes in je gezicht. Dit signaal geeft enkel aan dat je plezier hebt.' Hoe debiel hardop lachende mensen kunnen klinken laat hij aan de hand van een geluidsfragment horen. Automatisch gaat de zaal met de giechelaars meedoen. `Dat is een wetmatigheid,' vertelt Doosje, `mensen gaan automatisch met anderen meelachen.'

De afgelopen jaren is er veel onderzoek naar humor in het onderwijs gedaan. Doosje somt de resultaten op: `Docenten maken gemiddeld eens per kwartier een grap en humor leidt ertoe dat studenten het gevoel hebben veel te leren. Door grappen te maken die een associatie hebben met de lesstof zorg je als docent voor meer aandacht bij de studenten en een betere opslag.' Een goed geplaatste grap heeft dus zeker zin. Het verwerken van grappen in tentamens leidt eveneens tot betere resultaten, mits de studenten zelf de humor er ook van inzien. Slechte grappen leiden namelijk tot slechtere scores. Tot slot benadrukt Doosje: `Te veel humor leidt af en werkt dus averechts.'

De afsluitende lezing van Peter de Wit trekt tweehonderd man publiek, en daarmee zit het Amphitheater goed vol. De Wit staat sinds 1994 met zijn Strip Sigmund, `een psychiater die niet zachtzinnig met zijn patiënten omspringt' dagelijks in de Volkskrant. Peter vertelt hoe zijn strips tot stand komen. `Eigenlijk heb ik een soort kantoorbaan. Ik zit iedere dag van negen tot vijf in mijn tekenstudio in Amsterdam en werk dan hard aan Sigmund en mijn andere uitgaven.' Maar natuurlijk ontspringen veel ideeën buiten de studio. `Ik heb altijd een tekenblokje bij me. Zo bedacht ik net iets voor de krant van morgen en die tekening ga ik zo even uitwerken zodat hij nog voor negen uur vanavond bij de redactie ligt.' De tekenaar vertelt dat hij die deadline te vroeg vindt. `Zeker wanneer er 's avonds nog voetbal is, zou ik graag nog wat later kunnen inleveren.'

De Wit probeert altijd af te wisselen. `De ene keer is er een man in de praktijk, dan weer een vrouw en de volgende keer een stelletje. En op de ene dag is een werkende persoon het onderwerp en de volgende maal weer een student.' Bovendien heeft de strip vaste schema's. Zo zit de psychiater op vrijdag altijd in het café of probeert hij een dame te versieren. Eens per twee weken is niet Sigmund de hoofdpersoon maar de dames in burka.

De Wit heeft zichzelf duidelijke regels gesteld. `Ik heb een keer op de man gespeeld, maar probeer dat nu nooit meer te doen. Ik zie bijvoorbeeld niet in waarom het grappig zou zijn om in te gaan op het feit dat Erica Terpstra zo dik is, om maar wat te noemen. Marc Dutroux is een voorbeeld van een onderwerp waar ik nooit over heb getekend. Die zaak vind ik echt te triest om grappen over te maken.'

Halverwege zijn lezing houdt De Wit een korte quiz, waarin enkele kenners albums weten te winnen. Na afloop zijn de diverse uitgaven van de tekenaar te koop en kunnen liefhebbers exemplaren laten signeren. Voor iedere fan tekent De Wit ter plekke een originele tekening. Het duurt dan ook even voordat de hele wachtrij is afgewerkt.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.