Stukje genot in een `wespennest'

| Redactie

Pim Fij neemt vandaag, donderdag, afscheid van de UT na een markante loopbaan van ruim twintig jaar, op maar liefst acht verschillende plekken. Een record. Het laatst was hij directeur bedrijfsvoering van de faculteit TNW. Het werken met topwetenschappers noemt hij een genot, `al moest ik nogal eens ingrijpen als hoogleraren het al te bont maakten.'

Pim Fij: …een sterk staaltje van job rotation…
Pim Fij: …een sterk staaltje van job rotation…

Legt uit: `Noem een faculteit gerust een wespennest. De decaan is inhoudelijk de baas, ik deed de bedrijfsvoering. Ik kon veel hebben, maar ik heb altijd direct ingegrepen als collega's van -bijvoorbeeld- personeelszaken onheus door hoogleraren werden bejegend wanneer de aanstelling van buitenlanders weer eens te lang duurde. Tja, de bureaucratie belemmert snelle aanstellingen, soms duurt het wel drie maanden. Dat roept irritatie op. Weet je, je hebt te maken met hoogleraren die stuk voor stuk heel slim zijn, erg gefocusseerd zijn op hun eigen leerstoel en daardoor soms de belangen van de faculteit uit het oog verliezen. Daarnaast zijn sommige ijdel en sociaal niet al te bedreven. Hun invloed is verstrekkend en dat weten ze. Als ze bij mij geen gehoor vinden, gaan ze klagen bij de decaan of het CvB. Vind daar maar `es je weg in. Het heeft iets sadomasochistisch, ja. Maar het is echt waanzinnig leuk. Weet je plaats en besef dat je ook maar een gewone dienstverlener in de secundaire sector bent die het toponderzoek in de primaire sector faciliteert. Het onderzoek, daar draait het om. Dat is de realiteit. Maar ik teken daar wel bij aan dat het onderwijs in dat plaatje schromelijk wordt ondergewaardeerd. De UT heeft zonder onderwijs geen bestaansrecht.'

Om hem ook even sportief neer te zetten: Fij (45) staat te boek als een fietsfanaat die van zijn zolder een trainingshonk heeft gemaakt. Geen wonder dat Frankrijk zijn favoriete vakantieland is. In de Provence en Alpen rijgen de bergketens zich aaneen. Daar trapt hij, vanaf de camping, vlotjes de routes weg die hij thuis al heeft geoefend op zijn Tacx. Zo werkt dat bij Pim. Kwestie van efficiency. De kenners weten dat die Tacx een ingenieus trainingsapparaat is waarin het achterwiel van de racefiets in een handomdraai wordt vastgezet. Met een hendeltje aan het stuur is de trapweerstand in te stellen waarmee de zwaarte van de trainingsarbeid wordt bepaald. Pim beschikt over een luxe-uitvoering: de trainer is aangesloten op zijn pc. Zo kan hij aan de hand van video's allerlei bekende cols en klassiekers rijden. Het is allemaal net echt. De trapweerstand neemt automatisch toe naarmate er meer geklommen moet worden. `Ik vermaak me er prima mee. De Alpe d'Huez, de Galibier, de Mont Ventoux, de Ronde van Vlaanderen, de Amstel Gold Race, ik heb er een stuk of tien.'

De benadering van zijn sport zegt veel, zo niet alles van de wijze waarop Fij op zijn werkplek opereert, erkent hij. `Ik ben gedreven, kordaat, een harde werker en nogal druk van mezelf. Megadruk zelfs. En sociaal vaardig: ik kan goed met mensen opschieten'. Dat laatste is wel zo handig in een organisatie die soepele communicatie niet tot haar handelsmerk heeft verheven. Ja, met de collega-bedrijfsdirecteuren van de andere faculteiten heeft hij regelmatig contact, maar daarnaast is de focus toch vooral gericht op de eigen faculteit. Het college van bestuur bijvoorbeeld ziet hij niet meer dan een paar keer per jaar. Dat zou anders kunnen, erkent hij, `maar dat verander je niet zo snel.'

Vandaar dat hij in de loop der jaren het netwerken tot kunst verhief en zijn contacten binnen de UT altijd adequaat wist te smeren. Het legde hem geen windeieren: in de twee decennia dat Fij aan de UT was verbonden had hij maar liefst acht banen, zijn stage van januari tot juli 1987 bij het toenmalige stafbureau van het CvB meegerekend.

Inderdaad, een sterk staaltje van job rotation en een absoluut record, voor zover na te gaan. Een erkend meubelstuk als Tom Koppen was destijds, in '87, hoofd van die staf, andere routiniers als Kas de Vries en Rob van Dijk waren zijn begeleiders. Na zijn afstuderen aan de HEAO keerde Fij terug op de UT en zo was hij vanaf mei 1988 vier jaar lang stafmedewerker bij Financiële en Economische Zaken (met eerst Harry Fekkers als hoofd, later Hilco Klomp) en daarna van 1992 tot 1995 medewerker bureau beleidsplanning. Die eenheid ging later samen met het stafbureau op in Bureau Beleidsondersteuning (dat werd geleid door Michiel van Buchem). En passant fungeerde hij drie maanden als interim-directeur van de (toen nog) faculteit Toegepaste Wiskunde (als vervanger van Frits Lagendijk).

In september 1995 zwaaide hij af naar de facultaire sector, ter opfrissing. `Dat zouden alle dienstdirecteuren moeten doen, want hoe weet je anders wat daar leeft?' Eerst was hij twee jaar directeur van de (toen nog) faculteit WMW, daarna -van januari 1998 tot februari 2001- directeur bedrijfsvoering van de (toen nog) faculteit Informatica (met Peter Apers als decaan), gevolgd door het directeurschap van het onder het CvB opererende Bureau dienstverlening universitair bestuur (al weer een nieuwe naam voor de bestaande groep stafadviseurs). Die baan had hij tot september 2003. Daarna werd hij directeur bedrijfsvoering van de faculteit TNW, met decaan Alfred Bliek als zijn baas.

Fij heeft de UT-organisatie in die twee decennia op zijn duimpje leren kennen. Hij herinnert zich raadselachtige termen als performance indicatoren, het onderzoek naar samenwerkingsmogelijkheden met het HBO (1987), de intrede van de (financiële) verdeelmodellen en meerjarenramingen (1988), de instellings- en strategische plannen (vanaf 1992), de reorganisatie van WMW (het opheffen van de vakgroepen ergonomie en geschiedenis), het ontstaan van TCW (allemaal in de periode 1995-'97), de wet MUB die de bevoegdheden van de U-raad aan banden legde, de uitbouw van de studierichting BIT (1998-2001) en - in de jaren die volgden - het veelbesproken rectoraat van Frans van Vught, de grote brand van gebouw TW/RC (nu Cubicus), de heftige bestuurlijke crisis en de reductie van het aantal CvB-leden van vijf naar drie.

Het heeft hem gepokt en gemazeld en gemaakt tot een allround manager die klaar is om over te stappen naar het instituut SLO in Enschede, dat zich bezighoudt met leerplanontwikkeling. Met onderwijs dus. Wederom als directeur bedrijfsvoering, met professor Jan van den Akker, de opvolger van Albertjan Peters, als zijn baas. `De uitdaging daar? De SLO wil minder afhankelijk worden van de gelden van het ministerie. Ze focust te veel op inhoud, het moet bedrijfsmatiger. De bedrijfsprocessen moeten efficiënter. Het zal een pittige klus worden, maar ik denk in alle bescheidenheid dat ik daar wel de geschikte persoon voor ben.'

Bij zijn afscheid van de UT, vandaag (donderdag) in de Faculty Club, zal Pim Fij nog wel `wat dingetjes' zeggen. En misschien maakt hij ook wel zijn zorgen kenbaar over het reilen en zeilen van de UT, misschien ook niet. Zorgen die hij met veel andere mensen deelt, zegt hij. `Ik zal het proberen netjes te zeggen. Ik hou ervan mensen te prikkelen, niet om ze pijn te doen of te beschadigen. Maar ik vind dat de UT de laatste jaren veel van haar branie heeft verloren. De onderlinge binding en het wijgevoel zijn er niet groter op geworden. Het is vaker ieder voor zich dan samen. Dat is jammer, want de UT is een fantastische instelling waar nog steeds van alles mogelijk is, althans als je de kansen weet te benutten.'

`In eerdere bestuursperiodes', aldus Fij, `werden we nog wel eens het Ajax van het oosten genoemd. Het huidige college van bestuur mag dan de interne bedrijfsprocessen langzaamaan op orde hebben, de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het hoog tijd wordt dat de UT weer gaat werken aan haar uitstraling. We moeten terug op de kaart! Dat is absoluut noodzakelijk. Ik verwacht dat het CvB zijn ivoren toren verlaat en daar zijn energie in gaat steken. Een fenomeen als het Kennispark is een goed voorbeeld hoe je punten kunt maken. Dat is een prachtige ontwikkeling. Er moet meer gescoord worden.

`Als ik kijk naar het 3-TU federatieproces: in het begin was Twente leading, nu niet meer. Als Frans van Vught het strijdveld betrad ging er een huivering door de gelederen, dat was geweldig om te zien. Het is heel goed mogelijk dat dat federatieproces op termijn leidt tot een soort taakverdelingsoperatie en dan moet de UT wel keihard vooraanstaan en haar belangen veiligstellen. Strategisch opereren. Ga maar na, het voorspelde bloed vloeit nog steeds niet. We zien nog geen zware ingrepen. Dat was wel de stellige verwachting. Ja, de drie TU's kunnen wel tientallen extra tophoogleraren aantrekken, wat op zich een moeizame operatie is. Maar dat zijn nog steeds kadootjes en dat zal niet zo kunnen doorgaan.'

De toekomst van zijn eigen faculteit TNW ziet hij met vertrouwen tegemoet. `We hebben net een bezuinigingsslag van bijna vier miljoen euro achter de rug. Er zijn zeven leerstoelen, en niet de minste, opgeheven. Dat was noodzakelijk om de zaak weer op de rit te krijgen. Het klinkt gek maar als proces was dat inhoudelijk heel interessant, maar in termen van `sociaal' niet bepaald leuk. De kunst is steeds om de mensen duidelijk te maken waarom ingrepen nodig zijn. De problematiek van de matching heeft ons zwaar parten gespeeld. We scoorden met z'n allen in de tweede en derdegeldstroom steeds beter, maar de te verdelen koek werd al maar kleiner. Daardoor liep het vast. Ik ga ervan uit dat de universiteiten dit vraagstuk in combinatie met het ministerie oplossen.

`Als faculteit gaan we een goede tijd tegemoet. We hebben wereldtoppers in huis, de instroom van eerstejaars is met 350 tot 400 weer op peil, de bedrijfsvoering op orde. Maar er moet nog wel heel veel gebeuren. We zitten als faculteit in drie verschillende onderzoeksinstituten op diverse locaties, dat maakt het beheersmatig heel ingewikkeld. Daarbij: ik ga er vanuit dat het Hogedruklab, ondanks eerdere prognoses, blijft voortbestaan. En er staat een forse verhuizing naar het o&o- centrum voor de deur. Ik hoop dat de faculteit de ontstane vacatures van Bliek (vertrekt naar Utrecht, red.) en mij snel kan invullen.'

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.