Zomerse verhalen

| Redactie

Enthousiast deden medewerkers en studenten mee aan de verhalenwedstrijd van UT-Nieuws, het aantal inzendingen overtrof de verwachtingen van de redactie. Om de auteurs op weg te helpen, konden ze kiezen uit twee verschillende beginalinea's. De beste vijf inzendingen worden beloond met een boekenbon van vijftig euro. Op deze pagina's de top drie. De hele top vijf is te lezen op de website www.utnws.utwente.nl

Marjans camera

Tevreden sloot ze haar PC af. Zo, de afwezigheidsassistent kon de komende vier weken haar mailtjes beantwoorden. Het was een leuke baan hoor, die ze had op de UT, maar zo af en toe had een mens wat vertier nodig. Ze plukte haar jas van de kapstok en deed het licht uit. Snel naar huis, koffer pakken en vanavond naar Schiphol met haar beste vriendin. Ze kon niet wachten. Terwijl ze haar kantoordeur afsloot, rinkelde de telefoon. Zou ze nog opnemen? Nou, vooruit. `Goedemiddag, Universiteit Twente, U spreekt met Mariët de Vries.' Aan de andere kant klonk een bekende stem. Een stem die ze niet had gehoord sinds haar overplaatsing naar een andere faculteit. Alle spieren in haar lichaam spanden zich. Niet nu, dacht ze wanhopig, niet uitgerekend nu.

Het was Jacob, haar vorige baas, bij de faculteit Technische Natuurwetenschappen. Jacob was altijd vrij handtastelijk geweest en had dubbelzinnige opmerkingen gemaakt. Totdat het haar teveel was geworden en ze hem had beschuldigd van seksuele intimidatie. Jacob had dit natuurlijk ontkend en zij had geen bewijzen. Het had tot gesprekken geleid met mediators, medewerkers personeelszaken en directieleden. Uiteindelijk had de UT overplaatsing voorgesteld. Ze mocht van geluk spreken, volgens de directie. Ze had geen kans gehad tegen de hogere heren.

`Mariët, met Jacob. Hoe gaat het met je?'

Tss, dacht Mariët. Die neerbuigende toon. Ondanks haar leuke, nieuwe werkplek had ze toch vaak het gevoel dat ze schuin werd aangekeken. Alsof de anderen dachten: ze heeft het zich vast verbeeld en de hele zaak overdreven. Daarbij was Jacob best populair, ging na werktijd ook veel om met collega's en, toegegeven, hij zag er leuk uit.

Maar zij wist wel beter.

`Ja, goed', zei ze. `En met jou?', vroeg ze met gepaste desinteresse.

`Ja, met mij ook. Zeg, er moeten nog wat formaliteiten worden afgehandeld en ik wou vragen of je nog even langs mijn kantoor kwam. Ik heb nog een flesje wijn staan dat ik voor mijn verjaardag van de personeelsvereniging heb gekregen en ik dacht: misschien kunnen we onder het genot daarvan nog even praten…over wat er gebeurd is.'

Dit overdonderde haar. Even praten? Wat viel er nog te zeggen? Probeerde hij haar nou te lokken met een vaag smoesje? Of wou hij gewoon vriendelijk zijn? Misschien zag ze wel spoken. Na al die gesprekken met mediators en personeelszaken had ze wel vaker getwijfeld…Die mensen bleven ook maar aandringen: misschien had ze het zich toch verbeeld? Wist ze het verschil niet tussen collegialiteit, een onschuldige aanraking en intimidatie? Nee! Ze was ervan overtuigd. Ze was geïntimideerd en daar had ze zich terecht over uitgesproken. Maar wat moest ze nou doen?

`Ja, is goed', zei Mariët. `Ik kom er zo aan.'

Ze had een plannetje. Al een tijdje had ze erop zitten broeden. Ze wou rechtvaardigheid. Ze was te kijk gezet en nu zou ze de rollen omdraaien. Ze zou haar seksualiteit tegen hem gebruiken. En haar beste vriendin Marjan, fotografe bij het UT-Nieuws, kon haar hier mee helpen. Marjan had altijd achter Mariët gestaan. Daarbij kende Marjan de gladde praatjes van Jacob ook. Ze was er allesbehalve gecharmeerd van.

Ze kwam aan bij zijn kantoor. Het was er warm, de zomerse temperatuur had er al bezit van genomen. Zijn voorhoofd glinsterde. Ze keken elkaar aan. Zij was hier maar met één doel gekomen. Ze liep naar zijn bureau, gooide haar haar los en maakte wat knoopjes van haar blouse los. Ze veegde de papieren van zijn bureau en trok hem aan zijn stropdas in haar richting. Langzaam kusten ze elkaar. In een korte adempauze grijnsde hij naar haar en zei: `Ik wist wel dat jij het ook wou.'

Terwijl de rillingen over haar rug liepen, zei ze: `Kleed je uit'. Zo goed en kwaad als het ging met zijn bezwete lichaam, ontdeed hij zich gretig van zijn kleding. Terwijl Mariët de wijnfles ontkurkte, gebood ze hem op het bureau te gaan zitten. Zij raapte zijn stropdas op en bond deze speels over zijn ogen. De spanning steeg. `Ik wist niet dat je in was voor dit soort spelletjes', zei hij met een grijns.

Maar het lachen verging hem snel, toen hij het geluid hoorde van Marjans camera en al helemaal toen hij de volgende editie van het UT-Nieuws zag, met daarin een foto van hem, slechts gekleed in stropdas. Het bijschrift: `Zomerhitte drijft medewerkers tot waanzin'. Mariëts wraak was zoet geweest. Eindelijk vakantie, eindelijk rust.

Geert-Jan Venema

Medewerker FEZ

Op sterk water

Met trage slagen trok Tom zijn baantjes door het campuszwembad. God, wat was het toch heerlijk om in dit Center Parc te studeren. Op vakantie gaan was dan ook niet nodig, vond hij. Hij bleef lekker thuis, aan de Calslaan. Gelukkig waren al zijn huisgenoten wel met vakantie. Misschien kon hij zo tussendoor nog voor een hertentamen leren. En wie weet bleven er nog leuke studentes op de campus hangen. Zoals dat lekkere communicatiemeisje. Plotseling werden zijn gedachten verstoord door iemand die luidruchtig langszij kwam crawlen. `Hee Tom', grijnsde de zwemmer en hij zette zijn duikbril af. Tom trok wit weg…

Hij kende dit schijnheilige smoelwerk. Zes maanden geleden was er een kamer vrij gekomen in het studentenhuis. Veel bezoekers hadden toen een kijkje genomen, zo ook deze crawlende rat, die zich tijdens zijn kijkuurtje had gedragen alsof de kamer al van hem was.

Tom keek eens diep in zijn ogen. Wat wist dit obstakel?

Wist hij iets van de hoge bedragen die Tom iedere maand aan huur moest betalen? Natuurlijk was niemand geschikt geweest om de lege kamer te betrekken. En Tom had al jarenlang behoefte gehad aan meer ruimte voor zichzelf.

Waarom had hij eigenlijk ooit voor een technische studie gekozen? Alsof hij van tevoren niet had geweten dat hij dan te maken zou krijgen met een chronisch gebrek aan vrouwen. God, wat had hij vaak smachtend vanaf zijn balkon gekeken naar die voorbij fietsende communicatiemeisjes in hun sensuele topjes. Verrukkelijk, die blonde hoofdjes die nog te stom waren voor de simpelste statistiek.

Eindelijk werden zijn plannen werkelijkheid. De klimaatbeheersing op zijn tweede kamer was inmiddels perfect; de apparatuur had aardig wat euro's gekost. De ruimte kon worden afgesloten als een kluis, en de identiteit van de fictieve huurder was overtuigend. Naast Tom woonde nu zogenaamd Chung Lang, een uitermate schuchtere student uit China. `Hij heeft een levensbedreigende vorm van pleinvrees,' had Tom zijn overige huisgenoten verteld. `Van openbare ruimtes krijgt hij stinkende uitslag met pus.'

Het was niet gemakkelijk geweest om de manshoge reageerbuizen op de kop te tikken. Op eBay had hij bij toeval twee prachtige exemplaren gevonden: originele glazen cilinders uit Demolition Man, een oude science fiction-film met Sylvester Stallone. Man, die dingen hadden nog meer gekost dan de klimaatbeheersing, maar voor een leuke hobby moet een mens wat over hebben. Dan maar een paar maanden wat minder Grolsch drinken.

Gisternacht nog had Tom volledig tevreden een wandeling gemaakt langs zijn twee reageerbuizen. De glazen kunstobjecten glommen altijd prachtig in het mystieke maanlicht. Het vocht dat door het glas werd tegengehouden had een gelige, soms bijna gouden kleur. Baarmoeders, daar waren Tom's geniale creaties nog het best mee te vergelijken. Veilige, warme baarmoeders.

Tom moest lachen en even kreeg hij wat chloorhoudend water in zijn neus. Ondertussen moest hij zijn armen onder controle houden. Zijn forse biceps kwamen weer eens goed van pas. Hij liet nogmaals een satanisch lachje horen. Communicatiemeisjes op sterk water, wie had dát ooit kunnen denken?

Die met de blonde vlecht vond hij het mooist. Hij was verliefd op haar. Je moest niet vergeten hoe snel het allemaal ging met de techniek. Binnen een jaar of tien zou hij haar uit de buis kunnen halen. Dan zouden ze gaan trouwen.

Op het roodharige communicatiemeisje was hij minder gesteld. Misschien zou ze haar buis nog een keer moeten verlaten, om plaats te maken voor een beter exemplaar. Maar goed, een lijk leg je niet zomaar bij het vuil. En dan ook nog eentje met rood haar! Lekker opvallend.

Hij had beide meisjes op stage gestuurd naar Mexico. In twee vergelijkbare brieven had hij de verbaasde ouders laten weten dat hun dochters ineens waren overvallen door verlangens naar een leven met meer avontuur. In Mexico zouden ze wel een keertje bellen. Mijn god, had hij niets beters kunnen verzinnen? Hoe lang kon hij dit rookgordijn nog in stand houden?

Toen het gespartel was afgelopen, liet Tom al watertrappelend zijn handen omhoog komen. `Heeft iemand een EHBO-diploma!?' riep hij. Puur voor de vorm natuurlijk, want er was verder niemand.

Jos Eertink
Vijfdejaars TCW
Lang niet gezien

Met trage slagen trok Tom zijn baantjes door het campuszwembad. God, wat was het toch heerlijk om in dit Center Parc te studeren. Op vakantie gaan was dan ook niet nodig vond hij. Hij bleef lekker thuis, aan de Calslaan. Gelukkig waren al zijn huisgenoten wel met vakantie. Misschien kon hij zo tussendoor nog voor een hertentamen leren. En wie weet bleven er nog leuke studentes op de campus hangen. Zoals dat lekkere communicatiemeisje. Plotseling werden zijn gedachten verstoord door iemand die luidruchtig langszij kwam crawlen. `Hee Tom', grijnsde de zwemmer en hij zette zijn duikbril af. Tom trok wit weg…

De zwemmer bleek namelijk geen hij, maar een zij. Een zij, die Tom bovendien kende. Een zij met prachtige armen, lange benen en een sensuele kastanjebruine haardos, die nu half op het water dreef. Twee groene, verbaasde ogen keken hem verrast aan. Het was Mariëlla...
`Goh, jou heb ik lang niet gezien. Hoe gaat het ermee?' vroeg ze, ietwat sarcastisch. `Euh…prima hoor!', antwoordde Tom zo opgewekt mogelijk. `En met jou dan?'
`Uitstekend. Maar zeg, moest jij niet allang afgestudeerd zijn?'
`Haha, euh, jawel, maar ik heb…', stamelde Tom.
`En hoe was Australië? Nog leuke kangaroes gezien?' vervolgde Mariëlla.
`Tja nou, die waren er wel ja.'
`Aha, die waren er wél! Maar er waren zeker geen postkantoren? Oh, en had je eigenlijk wel internet?' Met een paar ferme slagen zwom ze ineens weer verder. Tom zuchtte. Waarom hadden vrouwen toch zo'n olifantengeheugen? Mannen zouden zo'n klein incidentje als een paar maanden verkering, nu anderhalf jaar geleden, allang zijn vergeten. En als je liep te backpacken met een zware rugzak, wilde je niet ook nog eens de ballast dragen van een vriendin die je elke week moest mailen. Veel te veel gedoe, en bovendien, wie wist wie je daar in de warme zon nog allemaal tegen kon komen? Tom grijnsde. Dat was me het jaartje wel! Maar een zomer op de campus van de glorieuze UT leek hem nu ook prima. Hij klom uit het zwembad, verruilde zijn duikbril voor een hippe zonnebril, en liep nog even stoer langs het bad.

Thuisgekomen gooide Tom zijn tas neer, dronk een glas water en checkte zijn brievenbus. Een stapeltje folders, een giro-envelop en een langwerpige brief. De brief was echter niet bestemd voor hem, maar voor ene M. van Brambergen. `Mariëlla, alweer!', riep Tom uit. Had ze nou nog stééds haar adreswijziging geregeld? Tom wilde de envelop al in de papierbak gooien, toen hij opeens het groene huisartslogo herkende. `Verdorie…', momelde hij, en hij stapte weer naar buiten. Mariëlla woonde eveneens op de Calslaan. Niet dat hij ooit bij haar langsging.

`Jij weer?' Ze trok een wenkbrauw op. `Zo hoor ik anderhalf jaar niks van je, en dan opeens elk uur…'

`Een brief voor je,' zei Tom. Mariëlla keek hem smalend aan. `Vroeger was ik een stalker als ik naar de post vroeg. En nu kom je het me spontaan brengen… daar trap ik niet in, meneertje!' Met een klap smeet ze de deur dicht. Ongeduldig belde Tom nog een keer. Dit keer opende niet Mariëlla de deur, maar een grote potige kerel met piekhaar die hem driest aankeek. `Mariëlla!', riep Tom. `Toe nou, het is serieus, een brief van…' Maar de grote kerel greep hem in zijn kraag. `Wegwezen, schooier! En waag het niet weer m'n meissie te storen!'

Vertwijfeld liep Tom weer weg. Wat moest hij nou met die brief? Misschien was Mariëlla wel ernstig ziek, had ze een afspraak voor verder onderzoek… of erger misschien… Voordat hij thuis was, had Tom de brief al opengescheurd. Hij moest nu wel zelf lezen, wat voor vreselijk lot Mariëlla te wachten stond. Vluchtig las hij de brief door. Daarna nog een keer. En nog een keer. En toen drong het tot hem door.

Mariëlla was zwanger!

Een afgrijselijk gevoel overviel hem, denkend aan de potige uitsmijter. Knarsetandend wilde hij de brief verscheuren, toen zijn oog op de datum viel. De brief was te laat. Anderhalf jaar om precies te zijn. Tom werd duizelig. De zomer was wat hem betrof nu al op een kookpunt.

Silvia Roukens
Vijfdejaars toegepaste onderwijskunde
Zinderend en stout

Van het totale aantal inzendingen sprongen de verhalen van Geert-Jan Venema, Jos Eertink en Silvia Roukens eruit. Venema's verhaal was zinderend en stout, zoals je van een kort verhaal met het thema `zomerhitte' mag verwachten. De hoofdpersoon van Jos Eertink deed de jury denken aan Jean Baptiste Grenouille, de hoofdpersoon in Süskinds Das Parfum. Maar die gelijkenis is slechts oppervlakkig, wij vonden zijn verhaal erg origineel. Silvia Roukens overviel ons met de nachtmerrie van elke losbandige man en verdient alleen daarom al een boekenbon. Met Venema, Eertink en Roukens hebben we de top drie behandeld. Boekenbon vier en vijf zijn voor Conno Hendriksen, medewerker onderzoek aan de faculteit MB en Elsemieke Hillen, studente psychologie. Conno en Elsemieke hebben in hun verhalen voor een wat romantischer insteek gekozen. Hun inzendingen zijn te bekijken op www.utnws.utwente.nl.

Redactie UT-Nieuws

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.