Uit het lood, column

| Redactie

Geachte burgemeester. Wij hebben elkaar nooit ontmoet. U kent mij niet; ik ken u alleen van de teevee. Er is nooit een emotionele band tussen ons geweest. Ik geloof dat we daar beiden nooit om hebben zitten springen. Het lijkt me dan ook niet raadzaam om daar nu, bij mijn overlijden, nog verandering in te brengen. Mijn nabestaanden hebben genoeg aan hun eigen verdriet. Dat hoeft niet met krokodillentranen te worden aangelengd.

Testament

Media-aandacht is welkom. Als dat troost biedt mogen familie en vrienden een overlijdensadvertentie plaatsen. Dat is dan meteen een goede aanleiding voor hen om weer eens een poëziebundel in te zien. Daar is het sinds de middelbare school vast niet meer van gekomen. Indien een enkele redacteur mij belangwekkend genoeg vindt voor een vijfregelig necrologietje, kan dat ook nog worden gepubliceerd. Maar daar moet het dan wel bij blijven. Mijn leven was geen mediaspektakel, dus mijn dood moet dat ook niet worden. Ook niet als "het grote publiek daar om vraagt". Als ik de kijker thuis bij mijn overlijden had willen betrekken, was ik wel in een Big Brother sterfhuis gaan wonen.

Begrijp me goed, mijn begrafenis is een openbare aangelegenheid. Iedereen is welkom. Maar wie maar een beetje fatsoen in zijn donder heeft weet dat hij daar niets te zoeken heeft als hij nooit een lach of een traan met mij gedeeld heeft. Daar net zomin als elders rond mijn kist. Dat geldt ook voor cameramensen. En daar heb ik uw hulp bij nodig. Dat u eventueel een persconferentie bijeen roept waarin u luid en duidelijk verklaart dat de pers dient op te rotten. (Oefent u dit bevel ook eens in het Engels; u weet nooit of dat nog eens van pas komt).

Tenslotte moet mij van het hart dat niemand schuld heeft aan mijn dood. O natuurlijk, achteraf zullen er tientallen als-dan constructies te verzinnen zijn volgens welke ik nu nog zou hebben geleefd. Maar bedenk, die constructies heb ik ten diepste zelf allemaal niet gewild. Als de overheidsbemoeienis met de plaats van mijn overlijden werkelijk zo groot was als dat in de media wordt geëist, geloof me, dan was ik op die plek niet geweest. Het moet wel leuk blijven. Geïmpregneerde kerstversiering! Sorry hoor, maar het enige leuke van een kerstboom is nu juist dat hij in de hens kan vliegen. Ik ben een rund dat met vuurwerk stunt.

Mijn dood is een ongeluk. Een dramatisch ongeluk. Een ongeluk dat niemand heeft gewild. Maar tegelijk een ongeluk dat onlosmakelijk is verbonden met het leven zoals ik, en met mij vele anderen, dat wenste te leven. Dus burgemeester, treed niet af, staak het onderzoek en de strafrechterlijke vervolgingen, zet de pers in pek en veren buiten de gemeentegrens, en laat mij met mijn nabestaandenrusten in vrede.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.