De directrice van onze nieuwe crèche liet zich adviseren door een iatrosoof. Ook daar zagen we geen probleem in. Onze kinderen werden opgevangen door de kinderverzorgsters, niet door de directrice, laat staan door haar adviseur. Daarbij hadden we geen flauw idee wat een iatrosoof eigenlijk was. Het stond niet in ons woordenboek.
Tot we met het hele gezin een museum bezochten. Daar hing een tafereel voorstellende de Eeclooschen Herbakker. In de Middeleeuwen geloofde men dat mensen 's nachts in hun slaap werden vernieuwd doordat hun hoofd in een oven werd herbakken. Op hun romp werd dan tijdelijk een groene kool geplaatst. Ons zoontje begon meteen te vertellen. Als er iets mis gaat bij het bakken, word je een misbaksel. Staat je hoofd te lang in de oven, dan word je een heethoofd. En is het er te snel uit gehaald, dan ben je een halve gare.
We staarden onze zoon verbijsterd aan. Waar had hij dit allemaal geleerd. In Honki Ponk, zei die, en hij vertelde door. Ineens begon mij iets te dagen. Iatrosofen, dat moesten de mensen zijn die meenden dat zieken geen medische hulp nodig hebben omdat hun lichaam 's nachts wel door de herbakker zou worden vernieuwd. Of het waren juist de mensen die die hoofden eraf hakten en in de oven legden. Daar wil ik vanaf zijn. Vast stond dat die directrice een halve gare was. We hielden onze zoon voorlopig thuis. We wilden voorkomen dat we hem op een nacht in de keuken zouden aantreffen met in de oven het hoofd van onze ziekelijke buurman. We weten immers hoe beïnvloedbaar hij is.
Inmiddels heb ik toch eens opgezocht wat een iatrosoof precies is. Het heeft te maken met de opvatting dat het lichaam en de geest van de individu zo sterk zijn dat er geen hulp van buiten nodig is. Vertaald naar kinderopvang betekent dit, dat iedere ouder voor z'n eigen kinderen kan zorgen. En dat heeft die iatrosoof in Honki Ponkdus mooi voor elkaar gekregen.