Mijn job
`Ik zit hier altijd al om half acht 's ochtends, want om half negen beginnen de colleges. Voor die tijd moet ik de zalen hebben nagelopen op orde en netheid. Dat is wel vroeg ja, maar dan ben ik ook om vier uur vrij. Heerlijk. De collegezalen in de Horst verschillen trouwens behoorlijk. In de Oosthorst moet alles heel netjes in rijen staan. Als de tafels en stoelen dan in groepen zijn geplaatst, moet ik ze terugzetten. De Noordhorst heeft veel meer multifunctionele zalen. Daar hoef ik dus weinig te verplaatsen. Ik begin altijd met een rondje Oosthorst. Eigenlijk zou ik ook naar de Horsttoren en de Noordhorst moeten, maar daar kom ik niet altijd aan toe. Het is erg leuk om met de zalen bezig te zijn, maar dat doe ik niet de hele dag, hoor. Ik spring ook bij in de interne dienst. Het is een mooi vak, maar minder leuk is dat we steeds vaker moeten optreden als politieagent. Studenten halen hun eten in de kantine en gaan dat uitgebreid opeten in de zalen. Kennelijk weten ze niet dat dat niet mag. Wij moeten ze daar op aanspreken, maar vaak genoeg moeten de we boel nog opruimen. Als je ziet dat er hele dienbladen vol met borden in de collegezalen achterblijven. Er hangen nu ook posters met verboden te eten, maar dat helpt kennelijk niet. Behalve het netjes houden, ben ik ook verantwoordelijk voor de apparatuur en het meubilair in de zalen. Ik zorg dat alles werkt. En als er wiebelende tafels staan of een stoelleuning loszit, dan wordt dat vaak bij mij gemeld door een secretariaat. Het mooiste is natuurlijk als ik het zelf opmerk, maar er zijn hier zo'n 25 zalen. Dan glipt er wel eens iets tussendoor.'