Minister Hermans (onderwijs) maakte onlangs bekend dat hij bij de uitvoering van de geschiktheidstests voor zij-instromers commerciÙle onderwijsinstanties in wilde zetten. Op die manier zouden er snel meer zij-instromers voor de klas kunnen verschijnen.
Zij-instromers die door de geschiktheidstest heenkomen, kunnen meteen aan de slag. Ze moeten dan wel in het bezit zijn van een HBO- of WO-diploma en in twee jaar tijd hun lesbevoegdheid halen.
Een meerderheid in de Tweede Kamer is echter niet enthousiast over de commerciële plannen van de minister. Niet alleen de oppositie, maar ook de PvdA zou de zij-instroom liever bij de 'officiële' lerarenopleidingen houden.
Meer draagvlak is er voor eventuele assistentie van de lerarenopleidingen. Een instantie als de LOI verspreidt de test, maar de hogeschool behoudt de regie.
Dat deze aanpak succesvol kan zijn, blijkt uit de samenwerking tussen Windesheim en deze afstandsschool. Via de LOI meldden zich liefst 330 leerlingen aan bij de tweedegraads lerarenopleidingen.
Of Hermans zich hiermee in de wielen gereden voelt, blijft de vraag. De bewindsman verklaarde rekening te houden met de Kamer, maar behield zich het recht voor onderzoek te doen naar de mogelijkheden.
Er zijn nog altijd 1250 vacatures open in het basis- en voortgezet onderwijs. Daar staat volgens cijfers van het ministerie van onderwijs tegenover dat er 3000 mensen geïnteresseerd zijn in eventuele zij-instroom. De HBO-raad plaatst kanttekeningen bij dit cijfer.
VVD-woordvoerder Clemens Cornielje vindt het te vroeg om over het al dan niet slagen van de zij-instroom te praten. Hij wees erop dat het traject pas vijf maanden bestaat en het dus nog even duurt voordat het op volle toeren draait.